Resultaten cursus braakballen pluizen voorjaar 2014

 

Dit voorjaar is er op drie avonden een cursus braakballen pluizen gegeven. De bedoeling van deze avonden was om te leren hoe je braakballen van uilen kunnen analyseren en hoe je de schedelresten van alle voorkomende kleine zoogdieren in deze omgeving op naam kunt brengen. De eerste avond lag het accent op de spitsmuizen, de tweede avond op ware muizen en de derde avond op woelmuizen.

Hiermee kun je zowel een beeld vormen van alle kleine zoogdieren die in een bepaald gebied kunnen voorkomen (en zich vaak zelden laten zien) als het menu van de betreffende uilensoort in beeld brengen.

De uitgeplozen braakballen waren afkomstig van de kerkuil in de ruime omgeving van de Zuid-Hollandse Biesbosch, een gebied waar vrij veel soorten kleine zoogdieren voorkomen. De resultaten van de drie avonden laten een afwisselend beeld zien met een verrassend aantal kleine zoogdieren :

 

  Bleskensgr. Hoornaar Overtoom
       
gewone bosspitsmuis 77 155 61
dwergspitsmuis 5 0 1
waterspitsmuis 3 0 0
huisspitsmuis 29 11 58
       
woelrat 2 0 7
rosse woelmuis 12 3 14
veldmuis 112 127 142
aardmuis 12 3 12
noordse woelmuis 32 0 2
       
bosmuis 18 2 26
dwergmuis 8 0 13
huismuis 5 4 2
bruine rat 1 2 3
       
vogel 0 1 1
kever 1 1 0
amfibie 0 1 0
  317 309 243

 

Hoewel de partijen ongeveer even groot zijn is in inhoud tamelijk verschillend. In de eerste partij (in een gevarieerd gebied) zijn 5 extra kleine zoogdieren aanwezig, waaronder de zeldzame waterspitsmuis en opvallend veel noordse woelmuizen.
In het tweede gebied (een veenweidegebied) domineren vooral gewone bosspitsmuis en veldmuis en zijn maar weinig bijzondere soorten aanwezig.
Op de derde avond domineerden de algemenere soorten als bosspitsmuis, huisspitsmuis en veldmuis, maar werden desondanks tot veel soorten gevonden.

Op deze manier kunnen braakballen een leuke bijdrage leveren aan de kennis van een "verborgen" dierengroep. Dank aan iedereen en hopelijk hebben jullie er wat van op gestoken.


Kees Mostert